Wij zijn aangesloten bij de Nederlandse Orde van Advocaten

Column Schaapskooi 13 november 2018; een dagvaarding ontvangen.

Tweewekelijks schrijven Boer & Van Schoonhoven advocaten, Feijen & De Vries Notarissen, PM Belastingadviseurs en Veldhuis Advies een column waarin zij ingaan op specifieke financiële en juridische zaken. Deze column is geschreven door mr. L.C. (Laura) Faber, advocaat bij Boer & Van Schoonhoven advocaten te Heerde.


Ik heb een dagvaarding ontvangen. Wat gaat er gebeuren?
Stelt u zich voor; ruim een half jaar geleden bent u door de politie aangehouden wegens verdenking van een strafbaar feit. Uw buurman heeft aangifte tegen u gedaan. U zou hem op een mooie zomeravond mishandeld hebben. Na uw aanhouding en tijdens de verhoren bij de politie hebt u nadrukkelijk verklaard dat u zich van geen kwaad bewust bent. U hebt uw buurman niet mishandeld. U hebt slechts een woordenwisseling met hem gehad. Na de verhoren mocht u van de officier van justitie het politiebureau verlaten. U was in de veronderstelling dat de zaak daarmee afgedaan was, maar tot uw grote verbazing ontvangt u een dagvaarding waarin staat vermeld dat u voor de politierechter van de rechtbank moet verschijnen. Het voorgaande is de heer Bartels overkomen.

Onderscheid in strafprocedures
Strafzaken worden afhankelijk van de zwaarte van het strafbaar feit behandeld door een kantonrechter, een politierechter of een meervoudige kamer die uit 3 rechters bestaat. Een kantonrechter behandelt overtredingen, relatief licht strafbare feiten. Een politierechter kan een maximale gevangenisstraf van één jaar opleggen. Als op de zitting blijkt dat de zaak niet geschikt is voor behandeling door een politierechter, bijvoorbeeld omdat een gevangenisstraf van meer dan een jaar in aanmerking komt, zal de politierechter de zaak verwijzen naar de meervoudige kamer.

Inschakelen advocaat
De heer Bartels weet zich geen raad. Hij is onschuldig maar voor zijn gevoel is hij al veroordeeld. Hij besluit een advocaat in te schakelen. Deze vraagt het procesdossier op. Het procesdossier is een verzameling van processtukken die tijdens het opsporingsonderzoek aan het dossier worden toegevoegd. Dit procesdossier is leidend. De officier van justitie zal zijn/haar standpunt onderbouwen met stukken uit het procesdossier. Gelet daarop is het procesdossier ook voor de heer Bartels van groot belang. De advocaat maakt een afspraak met de heer Bartels en bespreekt met hem het hele procesdossier.

In het procesdossier zit onder andere de aangifte van de buurman en twee getuigenverklaringen. De getuigenverklaringen zijn afgelegd door twee andere buren. Op de bewuste zomeravond hebben zij geschreeuw gehoord. Niets meer en niets minder. De advocaat van de heer Bartels vindt dit een belangrijk punt aangezien de getuigen niets gezien hebben. Hij is van mening dat er onvoldoende bewijs is tegen de heer Bartels voor de mishandeling. Tijdens de zitting zal hij dan ook dit verweer voeren en pleiten voor vrijspraak.

Zitting
De officier van justitie is van oordeel dat wettig en overtuigend is bewezen dat de heer Bartels zich schuldig heeft gemaakt aan mishandeling. Hij acht de aangifte en de getuigenverklaringen hiervoor voldoende. Hij eist een gevangenisstraf van 6 maanden en een werkstraf van 120 uur. De advocaat verzoekt de politierechter de heer Bartels vrij te spreken. Volgens de advocaat is er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs. De getuigenverklaringen spreken enkel over het horen van geschreeuw. De getuigen hebben niets waargenomen. Ook bevat de aangifte van de buurman meerdere tegenstrijdigheden. Volgens de advocaat moet de aangifte als onbetrouwbaar worden aangemerkt.

Uitspraak
Vanwege gebrek aan voldoende wettig en overtuigend bewijs wordt de heer Bartels vrijgesproken. De politierechter is van oordeel dat de twee getuigenverklaringen niet bewijzen dat de mishandeling heeft plaatsgevonden. De aangifte wordt onvoldoende ondersteund door andere bewijsmiddelen.

Had de heer Bartels voor de meervoudige kamer moeten verschijnen dan had de rechtbank na 2 weken uitspraak gedaan.

Laat u adviseren 
Uit het bovenstaande blijkt dat het van belang is om goed voorbereid naar een (straf)zitting te gaan. Wees ervan bewust dat uw verweer verschil kan maken. Hebt u hierover vragen of wordt u strafrechtelijk vervolgd wegens het plegen van een strafbaar feit? Bel (0578 690080) of mail (lfaber@bvs-advocaten.nl) mij gerust.

Laura Faber

www.bvs-advocaten.nl

Column Schaapskooi 9 oktober 2018; Duur van de partneralimentatie

Tweewekelijks schrijven Boer & Van Schoonhoven advocaten, Feijen & De Vries Notarissen, PM Belastingadviseurs en Veldhuis Advies een column waarin zij ingaan op specifieke financiële en juridische zaken. Deze column is geschreven door mr. W.H. (Wilma) Boer, advocaat bij Boer & Van Schoonhoven advocaten in Heerde. Wilma is gespecialiseerd in personen- en familierecht en strafrecht.

Duur van de partneralimentatie
In 1994 is de Wet Limitering Alimentatie ingevoerd. Deze wet beperkt de duur van de partneralimentatie. Vóór 1994 had een ex-partner in beginsel recht op levenslange partneralimentatie. Volgens de huidige regeling is dat:

  1. een door de rechter bepaalde termijn, met een maximum van 12 jaar of de duur van het huwelijk;
  2. een door betrokkenen afgesproken duur;
  3. als er geen termijn door een rechter is bepaald of tussen betrokkenen is afgesproken, maximaal 12 jaar of de duur van het huwelijk (de zogenaamde wettelijke termijn).
  1. Een door de rechter bepaalde termijn
    Op verzoek van meestal diegene die partneralimentatie moet betalen, kan de rechter een kortere termijn voor de partneralimentatie vaststellen dan de wettelijke termijn (zie hierna). Dit wordt limitering van de alimentatie genoemd. De rechter weegt daarbij de belangen van de ex-partners tegen elkaar af. In de afweging kunnen de volgende factoren een rol spelen: de duur van het huwelijk, of er wel of geen kinderen zijn, de rolverdeling tijdens het huwelijk, de leeftijd van betrokkenen, het opleidingsniveau en de werkervaring van diegene die de partneralimentatie ontvangt, en de welstand tijdens het huwelijk. Limitering van alimentatie is eerder uitzondering dan regel.
  1. Door betrokkenen afgesproken termijn
    Betrokkenen kunnen ook samen een termijn afspreken. Zij zijn daarin geheel vrij en niet gebonden aan enige wet- en/of regelgeving.
  1. De wettelijke termijn: maximaal 12 jaar of de duur van het huwelijk
    De wet stelt de maximale duur van de partneralimentatie op 12 jaar, gerekend vanaf de datum waarop de echtscheidingsbeschikking is ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand. Als het huwelijk niet langer dan 5 jaar heeft geduurd en uit de relatie geen kinderen zijn geboren, is de duur van de verplichting gelijk aan de duur van het huwelijk.

Verlenging van de duur is mogelijk
De beëindiging van de partneralimentatie kan na het verstrijken van 12 jaar (of de duur van het huwelijk bij kinderloze kortdurende huwelijken) zeer ingrijpend zijn voor diegene die de alimentatie ontvangt. Als dat kan worden aangetoond en binnen 3 maanden nadat de wettelijke of door de rechter vastgestelde alimentatietermijn is verstreken een verzoek wordt gedaan voor verlenging, kan de rechter besluiten de alimentatietermijn te verlengen. Belangrijk bij die beslissing is of van diegene die de partneralimentatie ontvangt, gevergd kan worden dat hij/zij na het verstrijken van maximaal 12 jaar door eigen inkomsten in zijn/haar levensonderhoud voorziet.

Wetsvoorstel
Op 29 juni 2015 is er een initiatiefwetsvoorstel ingediend voor onder andere verkorting van de duur van de partneralimentatie. Als hoofdregel zou volgens dit wetsvoorstel moeten gelden dat de duur van de verplichting eindigt na het verstrijken van een termijn die gelijk is aan de helft van de duur van het huwelijk, met een maximum van 5 jaar.

Op 1 oktober 2018 is een derde nota van wijziging gepresenteerd. Na de tot nu toe voorgestelde wijzigingen zouden op genoemde hoofdregel twee uitzonderingen moeten komen, te weten: langdurige huwelijken en huwelijken met jonge kinderen.

Bij huwelijken langer dan 15 jaar, waarbij de leeftijd van diegene die de alimentatie ontvangt ten hoogste 10 jaar lager is dan de AOW-leeftijd, of waarbij diegene die de alimentatie ontvangt geboren is op of voor 1 januari 1970, kan de partneralimentatie maximaal 10 jaar duren. Bij zorg voor jonge kinderen blijft de maximale duur 12 jaar. De partneralimentatie eindigt op het moment dat het jongste kind 12 jaar is.

De streefdatum voor inwerkingtreding van het wetsvoorstel is 1 januari 2020.

Heeft u een vraag?
Wilt u weten hoelang u partneralimentatie krijgt of moet betalen, of wilt u de alimentatie opnieuw laten berekenen omdat uw omstandigheden zijn gewijzigd? Bel of mail mij gerust. Ik ben telefonisch te bereiken op telefoonnummer (0578) 690080 en via het e-mailadres whboer@bvs-advocaten.nl.

Wilma Boer

www.bvs-advocaten.nl

Oktober; MAAND VAN DE LETSELSCHADE: Verlies van (zwarte) inkomsten door een ongeval

Oktober is door Boer & Van Schoonhoven advocaten uitgeroepen tot ‘Maand van de Letselschade’. Als één van de weinige kantoren op de Noord Veluwe is Boer & Van Schoonhoven gespecialiseerd in aansprakelijkheidsrecht en letselschade. In oktober besteden we hier extra aandacht aan en schrijven we wekelijks over uiteenlopende letselschade-onderwerpen. Maar u heeft vast ook vragen over aansprakelijkheid en letselschade. Daarom houden we deze maand elke dinsdag een geheel vrijblijvend spreekuur.

Verlies van (zwarte) inkomsten door een ongeval
Als u door een fout van een ander schade oploopt, dan moet de schade die het gevolg is van die fout, vergoed worden. In de praktijk is het vaak de aansprakelijke verzekeraar die de schade vergoedt. Een van de schadeposten die vergoed moet worden is ‘het verlies van arbeidsvermogen’, oftewel het verlies van inkomsten als u arbeidsongeschikt bent geraakt door een ongeval of een andere schadeveroorzakende gebeurtenis.

Zwarte inkomsten
Wanneer u een nevenfunctie had of met enige regelmaat bijverdiende met ‘zwarte klussen’, dan komen ook deze gemiste inkomsten voor vergoeding in aanmerking. Het uitgangspunt van ons schadevergoedingsrecht is namelijk dat u in de situatie moet worden gebracht alsof het ongeval niet heeft plaatsgevonden. Dat betekent dat het inkomen dat u zonder ongeval zou hebben verdiend, moet worden vergoed. Ook al gaf u dat niet op aan de belasting.

Zwarte inkomsten bruto of netto vergoeden?
Onze hoogste rechter, de Hoge Raad, heeft dit ook zo bepaald in haar uitspraak van 23 november 2000. Zij heeft daarbij wel als eis gesteld dat de zwarte inkomsten worden vergoed alsof er belasting en premies over zouden zijn afgedragen. De schade is dus gelijk aan de zwarte inkomsten na aftrek van belastingen en premies zoals die verschuldigd zouden zijn bij aangifte. Oftewel: zwarte inkomsten worden op netto-basis vergoed.

Hoe bewijst u dat uw zwarte inkomsten had?
De regel is dat u als slachtoffer zelf uw schade bewijst. Inkomsten uit zwarte klussen zijn vaak lastig te bewijzen. Vaak worden ze niet op papier gezet en contant voldaan. Omdat u door het ongeval in deze situatie bent gebracht, hoeft u zwarte inkomsten niet keihard te bewijzen. Voldoende is dat u het aannemelijk maakt dat u kluste en dat u daarvoor betaald kreeg. Vaak lukt dat bijvoorbeeld met een werkagenda waarin u de klusafspraken heeft genoteerd, of de inkomsten die u daarvoor kreeg. Of er zijn e-mailberichten of foto´s van de klussen die u zwart heeft gedaan. Ook verklaringen van opdrachtgevers helpen goed. Hoewel een verklaring uitsluitend in de letselschadezaak wordt gebruikt, is een opdrachtgever vaak huiverig om een verklaring af te leggen. Soms wordt daarom een deskundige, zoals een bedrijfseconoom of een arbeidsdeskundige, gevraagd hier onderzoek naar te doen.

Conclusie
Het is mogelijk om gemiste zwarte inkomsten na een ongeval te verhalen. Of de schade daadwerkelijk zal worden vergoed, is met name afhankelijk van het bewijs dat u kunt aanleveren. Daar komt bij dat het bedrag dat u verdiende uit zwart werk wordt aangemerkt als brutobedrag. Er moet alsnog een fictief belastingpercentage over berekend worden om het brutobedrag netto te maken. Dit nettobedrag is het schadebedrag dat voor vergoeding in aanmerking komt.

Heeft u na het lezen van deze column vragen? Maak dan gebruik van ons letselschadespreekuur.

Spreekuur
In oktober houden wij elke dinsdag van 16.30 tot 19.30 uur spreekuur voor letselschadevragen. Heeft u vragen? Maak dan een geheel vrijblijvende afspraak met ons secretariaat. Ons telefoonnummer: 0578 – 690080. Mailen mag natuurlijk ook: info@bvs-advocaten.nl.

OKTOBER; MAAND VAN DE LETSELSCHADE: Vermogen door een letselschade-uitkering?

Oktober is door Boer & Van Schoonhoven advocaten uitgeroepen tot ‘Maand van de Letselschade’. Als één van de weinige kantoren op de Noord Veluwe is Boer & Van Schoonhoven gespecialiseerd in aansprakelijkheidsrecht en letselschade. In oktober besteden we hier extra aandacht aan en schrijven we wekelijks over uiteenlopende letselschade-onderwerpen. Maar u heeft vast ook vragen over aansprakelijkheid en letselschade. Daarom houden we deze maand elke dinsdag een geheel vrijblijvend spreekuur.

Vermogen door een letselschade-uitkering? Hoe zit het dan met de inkomensafhankelijke eigen bijdrage vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en de Wet langdurige zorg (Wlz)?

Vaak worden letselschadezaken geregeld door de schadevergoeding in één keer uit te betalen. Deze vergoeding is dan vooral bedoeld voor de te verwachten schade in de nabije toekomst. De geleden schade is vaak al door middel van voorschotten betaald. Vaak gaat het om forse bedragen, denk aan bedragen hoger dan € 75.000,00.

Op dit moment wordt een schadevergoeding uit een letselschadezaak gezien als vermogen in box 3. In de huidige eigen bijdrage systematiek van de Wmo en de Wlz wordt de hoogte van de eigen bijdrage berekend aan de hand van het verzamelinkomen van de aanvrager, en 8% van diens vermogen in box 3 (de zogenaamde vermogensinkomensbijtelling, afgekort VIB). De schadevergoeding uit een letselschadezaak heeft dus invloed op de hoogte van de eigen bijdrage Wmo en Wlz.

In de praktijk betekent dit dat een slachtoffer die een letselschade-uitkering ontvangt en langdurige zorg nodig heeft, de eigen bijdrage van het CAK ziet stijgen van bijvoorbeeld € 17,50 per vier weken naar de maximale eigen bijdrage van bijvoorbeeld € 625,00 per vier weken. Bij het berekenen van de letselschade moet een letselschadebehartiger die het slachtoffer bijstaat hier wel rekening mee houden.

Het bovenstaande geldt overigens alleen voor letselschade-uitkeringen die ontvangen zijn ná 10 oktober 2010. De uitkeringen die daarvoor werden ontvangen, worden niet toegerekend aan het vermogen in box 3.

Brief van de Minister De Jonge (VWS) van 13 juli 2018
Vanuit de letselschadebranche is door verschillende partijen waaronder de Vereniging van Letselschade Advocaten (LSA), aangegeven dat dit als onrechtvaardig wordt ervaren en dat letselschadeslachtoffers hier onevenredig hinder door ervaren.

Dit geluid is gehoord door de politiek en Minister De Jonge schrijft in zijn brief van 13 juli 2018:

“Om tegemoet te komen aan knelpunten die de partijen hebben ingebracht, ben ik van plan letselschadevergoedingen, ook voor materiële schadevergoedingen vastgesteld na 10 oktober 2010, bij een ongeval dat verlies aan arbeidsvermogen tot gevolg heeft, uit te zonderen van de vermogensinkomensbijtelling.”

Dit betekent dat vanaf 2019 letselschade-uitkeringen die na 10 oktober 2010 zijn ontvangen, niet meer meetellen voor de hoogte van de eigen bijdrage.

Mocht u een letselschade-uitkering hebben ontvangen na 10 oktober 2018 dan dient u deze niet mee te tellen bij het bepalen van de hoogte van de eigen bijdrage Wmo en Wlz. Bij het aangeven van vermogen is het dus belangrijk om te melden dat u een letselschade-uitkering heeft ontvangen.

Heeft u na het lezen van deze column vragen? Maak dan gebruik van ons letselschadespreekuur en maak geheel vrijblijvend een afspraak.

Spreekuur
In oktober houden wij elke dinsdag van 16.30 tot 19.30 uur spreekuur voor letselschadevragen. Heeft u vragen? Maak dan een geheel vrijblijvende afspraak met ons secretariaat. Ons telefoonnummer: 0578 – 690080. Mailen mag natuurlijk ook: info@bvs-advocaten.nl.

OKTOBER; MAAND VAN DE LETSELSCHADE: Niet aangeboren hersenletsel (NAH)

Oktober is door Boer & Van Schoonhoven advocaten uitgeroepen tot ‘Maand van de Letselschade’. Als één van de weinige kantoren op de Noord Veluwe is Boer & Van Schoonhoven gespecialiseerd in aansprakelijkheidsrecht en letselschade. In oktober besteden we hier extra aandacht aan en schrijven we wekelijks over uiteenlopende letselschade-onderwerpen. Maar u heeft vast ook vragen over aansprakelijkheid en letselschade. Daarom houden we deze maand elke dinsdag een geheel vrijblijvend spreekuur.

Niet-aangeboren hersenletsel
Met enige regelmaat sta ik in mijn praktijk cliënten bij die hersenletsel hebben opgelopen als gevolg van een ongeval, medische fout of geweldsmisdrijf. Iedere keer raakt mij de impact die het hersenletsel heeft op het leven van de cliënt en diens naasten. Heel vaak herstelt een cliënt weer zodanig dat er geen lichamelijk letsel meer is. Het hersenletsel echter is vaak blijvend en heeft grote gevolgen.

Hersenletsel dat na de geboorte ontstaat heet ook wel niet-aangeboren hersenletsel (NAH). Het kan vele oorzaken hebben. Denk aan traumatisch hersenletsel door een verkeers- of bedrijfsongeval of een geweldsmisdrijf. Of niet-traumatisch hersenletsel als gevolg van een beroerte, infectie, tumor of zuurstofgebrek.

Gevolgen niet-aangeboren hersenletsel
Niet-aangeboren hersenletsel kan zichtbaar zijn maar ook onzichtbaar. Het kan zich uiten in mobiliteitsproblemen zoals krachtafname, bewegingsstoornissen, coördinatieproblemen en verlamming. Of het heeft zintuiglijke gevolgen, zoals visuele gevolgen, geluid- en lichtoverprikkeling, functiestoornissen en uitval van het gezichtsveld. Denk ook aan communicatieproblemen, zoals moeite bij het spreken en verstaan, snel afgeleid zijn, moeite met drukke omgevingen en problemen om emoties te interpreteren. Bijna altijd heeft hersenletsel cognitieve gevolgen zoals geheugen-, concentratie- en taalproblemen, veranderd tijdsbesef, moeite met verdelen van de aandacht en moeite met prikkelverwerking. Denk daarnaast aan emotionele gevolgen (prikkelbaarheid en libidoverandering), en lichamelijke gevolgen (epilepsie, hoofdpijn, incontinentie en slaapstoornissen).

Praktijk
In de praktijk betekenen deze gevolgen dat een cliënt met hersenletsel vastloopt op veel gebieden. Denk aan het werk. Vaak moet er gezocht worden naar passend werk bij de eigen werkgever of bij een andere. Of het lukt niet meer om fulltime te werken of erger, de cliënt raakt volledig arbeidsongeschikt. Het heeft ook gevolgen voor het huishouden en de klussen in en om het huis. Neem bijvoorbeeld het koken waarbij tegelijkertijd allerlei taken uitgevoerd moeten worden. Ook de verzorging van de kinderen lukt meestal niet goed meer. Cliënten met hersenletsel hebben behoefte aan structuur en beperkte activiteiten per dag.

Hersenletsel en letselschade
Dat alles betekent dat iemand met hersenletsel veel begeleiding nodig heeft en dat in de praktijk veel taken die de cliënt voorheen zelf deed, moeten worden opgevangen. In een letselschadezaak komt deze begeleiding voor vergoeding in aanmerking, ook als dit grotendeels door de partner wordt gedaan. Wij brengen het hersenletsel altijd in kaart met behulp van medisch specialisten. Vaak laten we een neuropsychologisch onderzoek uitvoeren en wordt een ergotherapeut gevraagd de situatie thuis te beoordelen zodat de noodzakelijke begeleiding voor nu en in de toekomst in kaart kan worden gebracht.

Kortom, de gevolgen van niet-aangeboren hersenletsel zijn doorgaans groot en in eerste instantie niet goed te overzien. Kunt u de schade op een aansprakelijke partij verhalen dan is het raadzaam de gevolgen zorgvuldig in kaart te laten brengen.

Heeft u na het lezen van de column vragen? Maak dan gebruik van ons letselschadespreekuur. U bent van harte welkom.

Spreekuur
In oktober houden wij elke dinsdag van 16.30 tot 19.30 uur spreekuur voor letselschadevragen. Heeft u vragen? Maak dan een geheel vrijblijvende afspraak met ons secretariaat. Ons telefoonnummer: (0578) 69 00 80. Mailen mag natuurlijk ook: info@bvs-advocaten.nl.

OKTOBER; MAAND VAN DE LETSELSCHADE

Oktober is door Boer & Van Schoonhoven advocaten dit jaar wederom uitgeroepen tot ‘Maand van de Letselschade’. Als één van de weinige kantoren op de Noord Veluwe is Boer & Van Schoonhoven advocaten gespecialiseerd in aansprakelijkheidsrecht en letselschade. In oktober besteden we hier extra aandacht aan en schrijven we wekelijks over uiteenlopende letselschade-onderwerpen. Maar u heeft vast ook vragen over aansprakelijkheid en letselschade. Daarom houden we met ingang van dinsdag 9 oktober, elke dinsdag in oktober een geheel vrijblijvend spreekuur. Tussen 16.30 en 19.30 uur bent u van harte welkom met al uw vragen over aansprakelijkheid en letselschade.

Stel…
U bent werknemer, huisvrouw, zzp’er of directeur van een onderneming. Of u heeft net uw opleiding afgerond en staat aan het begin van uw carrière óf u zit net tussen twee banen in. En u overkomt een verkeers- of een arbeidsongeval. Of u valt van een paard óf wordt op het sportveld moedwillig onderuit gehaald waardoor u letsel hebt. Door dat letsel heeft u ernstige klachten waardoor u niet goed óf misschien wel helemaal niet (meer) kunt functioneren. De gevolgen zijn dan vaak niet te overzien.

Gevolgen
Er valt al snel inkomen weg en er komen extra kosten op u af. U bent afhankelijk van hulp van anderen voor vaak eenvoudige taken in het huishouden, de tuin en activiteiten in en rond het gezin. Vaak brengt dit (financiële) zorgen met zich mee en vragen zoals:

  • Herstel ik wel weer volledig?
  • Kan ik wel weer aan het werk en wanneer?
  • Komt mijn baan in gevaar?
  • Kan ik mijn eigen werk nog wel doen en zo nee, welk werk dan wel?
  • Wie helpt mij daarbij? En hoe zit dat financieel?
  • Welke schade kan ik vorderen?
  • Hoe zit dat dan voor de toekomst?
  • Denkt de aansprakelijke verzekeraar wel aan mijn belangen?
  • Mag ik een eigen belangenbehartiger inschakelen die mij helpt en wat kost dat?
  • Doet mijn rechtsbijstandsverzekeraar wel genoeg voor mij?
  • Halen ze wel alles uit de kast?
  • Hoe lang duurt zo’n letselschadezaak. Is dat wel iets voor mij?

 

Wat kunnen wij voor u betekenen?
Bij Boer & Van Schoonhoven advocaten werken gespecialiseerde letselschade advocaten die u helpen bij het verhalen van uw schade. Wij onderhandelen namens u met de aansprakelijke verzekeraar, wij inventariseren uw schade en vragen om voorschotten op uw schade. Dat kost u vaak niets. Als de aansprakelijkheid is erkend, moet de aansprakelijke verzekeraar onze kosten betalen.

Omdat wij advocaten zijn, kunnen en mogen we meer dan een letselschaderegelaar, een jurist of een belangenbehartiger van uw rechtsbijstandsverzekeraar. Wij kunnen uw geschil met een verzekeraar bijvoorbeeld voor de rechter brengen als de onderhandelingen met de aansprakelijke partij zijn vastgelopen. Of een deel van het geschil over bijvoorbeeld de hoogte van het percentage eigen schuld. Dat heet een deelgeschilprocedure waarbij de aansprakelijke partij uw advocaatkosten moet voldoen. We kunnen de kosten van een procedure voor u dus vaak beperkt houden. Kortom, met Boer & Van Schoonhoven advocaten staat  u sterker.

Spreekuur
In oktober houden wij met ingang van 9 oktober, elke dinsdag van 16.30 tot 19.30 uur spreekuur voor letselschadevragen. Heeft u vragen? Maak dan een geheel vrijblijvende afspraak met ons secretariaat. Ons telefoonnummer: 0578 – 69 00 80. Mailen mag natuurlijk ook: info@bvs-advocaten.nl.

Graag zien wij u op ons spreekuur!

Column Schaapskooi 12 juni 2018; affectieschade

Deze column is geschreven door mr. J.L. (Linda) van Schoonhoven, advocaat bij Boer & Van Schoonhoven advocaten in Heerde. Linda is gespecialiseerd in aansprakelijkheidsrecht en letselschaderecht, en LSA- en ASP-advocaat.

Op 10 april 2018 heeft de Eerste Kamer een wetsvoorstel aangenomen dat de vergoeding van affectieschade regelt. Ook naasten en nabestaanden van slachtoffers van een verkeers- of bedrijfsongeluk, medische fout of geweldsmisdrijf hebben daardoor recht op een smartengeldvergoeding.

Wat is affectieschade?

Affectieschade is een vorm van smartengeldvergoeding voor naasten en nabestaanden als hun dierbare door de fout van een ander ernstig en blijvend letsel heeft opgelopen of is overleden. Dit betekent dat bijvoorbeeld de ouders van een kind dat door een verkeersongeval ernstig en blijvend letsel oploopt, en de partner wiens man of vrouw door een arbeidsongeval is komen te overlijden, recht hebben op een smartengeldvergoeding.

Uiteraard kan geen enkele vergoeding het leed en verdriet wegnemen dat naasten en nabestaanden hebben. De smartengeldvergoeding is daarom vooral een vorm van erkenning. Ook hun leven is immers drastisch veranderd en ook op hen heeft het letsel of het overlijden van hun dierbare grote impact. Uit onderzoek van de Vrij Universiteit Amsterdam is gebleken dat dierbaren van slachtoffers behoefte hebben aan erkenning en aandacht voor de emotionele gevolgen van een ongeval.

Vanaf wanneer bestaat er recht op vergoeding van affectieschade?

Vanaf 1 januari 2019 hebben naasten en nabestaanden van slachtoffers van verkeersongevallen, arbeidsongevallen, medische fouten oftewel fouten van anderen, recht op een vergoeding van affectieschade. Het recht geldt alleen voor de partner van het slachtoffer, diens (stief)kinderen en (stief)ouders. Ook degenen die in gezinsverband duurzaam de zorg hebben voor het slachtoffer, hebben recht op vergoeding van affectieschade.

De hoogte van de vergoeding ligt tussen de € 12.500 en € 20.000, afhankelijk van de persoonlijke omstandigheden van de naasten en nabestaanden. De aansprakelijke partij, vaak een verzekeraar, zal het bedrag moeten betalen.

Heeft u vragen over dit onderwerp? Bel mij gerust op telefoonnummer (0578) 69 00 80. Mailen mag natuurlijk ook: jlvanschoonhoven@bvs-advocaten.nl.

 

Linda van Schoonhoven

www.bvs-advocaten.nl

 

Column Schaapskooi 17 april 2018; Strafbaar door plaatsen bericht op Facebook

Deze column is geschreven door mr. L.C. (Laura) Faber, advocaat bij Boer & Van Schoonhoven advocaten in Heerde.

Strafbaar door plaatsen bericht op Facebook

Joep Oord heeft in februari 2018 de allernieuwste keukenmachine van het merk ‘de beste keukenmachines’ gekocht bij Keukens B.V. Hij kan nu de lekkerste taarten bakken. Tot overmaat van ramp vertoont de keukenmachine al na één week gebreken en na twee weken doet de machine helemaal niets meer. Joep neemt direct telefonisch contact op met Keukens B.V. en doet zijn verhaal. De telefoniste van Keukens B.V. belooft de melding bij haar manager neer te leggen en Joep zo spoedig mogelijk terug te bellen. Joep wordt echter niet teruggebeld. Ook na het versturen van meerdere e-mails en een brief blijft het stil. Keukens B.V. laat op geen enkele manier iets van zich horen.

Joep voelt zich belazerd. Keukens B.V. laat hem in de kou staan. Uit pure frustratie plaatst Joep een bericht op zijn Facebookpagina waarin hij zijn onvrede uit over Keukens B.V. Hij schrijft onder andere dat Keukens B.V. haar beloftes niet nakomt en hij roept het bedrijf op om nu eindelijk eens te reageren. Verder raadt hij mensen af om keukengerei bij Keukens B.V. te kopen en hij noemt Keukens B.V. ook oplichters. Keukens B.V. raakt op de hoogte van het Facebookbericht en besluit aangifte tegen Joep te doen. Volgens Keukens B.V. heeft Joep de eer en goede naam van het bedrijf geschaad en is er sprake van smaad.

smaadschrift

In de wet is smaadschrift strafbaar gesteld. Smaadschrift houdt in dat de eer of goede naam van iemand wordt aangetast. Het begrip ‘eer’ heeft betrekking op het respect dat een persoon toekomt en de term ‘goede naam’ de reputatie die men in het dagelijkse leven geniet. De reputatie moet publiekelijk worden geschaad of aangetast. Er moet zogenaamd ruchtbaarheid aan worden gegeven. Onder het geven van ruchtbaarheid kan ook het plaatsen van een bericht op Facebook vallen. Joep heeft op Facebook 350 ‘vrienden’. Zijn bericht was voor al zijn ‘vrienden’ te lezen. Hiermee is de ruchtbaarheid gegeven.

De officier van justitie van het Openbaar Ministerie besluit Joep strafrechtelijk te vervolgen. Hij vindt dat Joep door het plaatsen van het bericht op Facebook de goede naam van Keukens B.V. heeft geschaad.

verweer Joep Oord

Naar het oordeel van Joep moet hij worden vrijgesproken, omdat hij niet opzettelijk de eer en/of goede naam van Keukens B.V. heeft willen aantasten. Opzet is echter wel een vereiste om tot een bewezenverklaring van smaadschrift te kunnen komen. Joep heeft het bericht op Facebook geplaatst, omdat hij ten einde raad was. Niet om de eer en/of goede naam van Keukens B.V. aan te tasten. Voor Joep was het onmogelijk om met Keukens B.V. in contact te komen. Hij heeft Keukens B.V. gemaild, geschreven en gebeld. Keukens B.V. heeft niet gereageerd. De reden van Keukens B.V. is Joep onbekend.

oordeel rechtbank

De rechtbank oordeelt dat Joep zich schuldig heeft gemaakt aan smaadschrift. Het door Joep geplaatste bericht heeft de eer en/of goede naam van Keukens B.V. aangetast, met name doordat hij ze van oplichting beticht. Ook is het bericht ter kennis van het publiek gebracht door het te plaatsen op Facebook. De rechtbank begrijpt dat Joep zich ongehoord voelt, maar het plaatsen van een bericht op Facebook is niet de juiste manier om het geschil tussen hem en Keukens B.V. op te lossen.

Heeft u een vraag?

Uit het bovenstaande blijkt dat het plaatsen van berichten op Facebook of internet niet altijd zonder risico’s is. Denk hierbij ook aan het plaatsen van negatieve berichten over een (ex-)werkgever, een ex-partner of over anderen waar u een geschil mee heeft. Wees ervan bewust dat dergelijke berichten strafbaar kunnen zijn. Hebt u hierover vragen of wordt u strafrechtelijk vervolgd wegens smaad?
Bel (0578 – 690080) of mail (lfaber@bvs-advocaten.nl) mij gerust.

Laura Faber

www.bvs-advocaten.nl

Column Schaapskooi 20 februari 2018; Ik word aangehouden door de politie. Wat gaat er gebeuren?

Deze column is geschreven door mr. W.H. (Wilma) Boer. Wilma is gespecialiseerd in personen- en familierecht en strafrecht.

Ik word aangehouden door de politie. Wat gaat er gebeuren?

De politie neemt u mee naar het politiebureau waar een hulpofficier van justitie beslist of u verhoord wordt. Deze zal u onder meer vragen of u vóór het eerste verhoor een advocaat wilt spreken, en of u zich wilt laten bijstaan door een advocaat. Maakt u gebruik van deze bijstand dan kost u dat niets als u bent aangehouden voor een feit waarvoor voorlopige hechtenis* kan worden opgelegd.

Als u aangeeft bijstand van een advocaat te willen, dan moet de politie dat zo spoedig mogelijk doorgegeven aan de zogenoemde piketcentrale. Die neemt vervolgens contact op met de advocaat die piketdienst heeft of met de door u opgegeven voorkeursadvocaat.

Overleg met uw advocaat vóór het verhoor

De advocaat zal voorafgaand aan het verhoor u vragen hoe uw aanhouding is verlopen en bij u controleren of de politie zich aan de regels heeft gehouden. Hij zal u verder vragen of u medicatie nodig heeft en of er iemand op de hoogte moet worden gesteld van uw aanhouding. Ook zal hij met u spreken over het feit waarvan u verdacht wordt, hoe het verhoor door de politie zal gaan en u wijzen op uw rechten. U heeft bijvoorbeeld het recht om te zwijgen en de mogelijkheid om het verhoor te onderbreken voor overleg met de advocaat. Het is belangrijk om samen met de advocaat de strategie te bepalen voor het verhoor. Dit kan immers grote invloed hebben op de uiteindelijke straf of uw kansen op vrijspraak.

Het verhoor

Tijdens het verhoor worden eerst vragen gesteld over uw persoonlijke situatie. Vervolgens worden vragen gesteld over het feit waarvan u wordt verdacht. Veelal start dit verhoor met een algemene vraag over wat u kunt vertellen over het feit waarvan u wordt verdacht. Vervolgens worden steeds specifiekere vragen gesteld en wordt u in de regel geconfronteerd met de verklaring van de aangever, verklaringen van getuigen en of resultaten van politieonderzoek.

Proces-verbaal

De politie noteert alles wat u tijdens het verhoor zegt en legt dat vast in een proces-verbaal dat aan het eind van het verhoor wordt voorgelezen, of kan worden doorgelezen door u en uw advocaat. Het is van groot belang kritisch naar de inhoud van het proces-verbaal te kijken. Klopt het wat er staat en is de inhoud niet voor meerdere uitleg vatbaar? U en uw advocaat kunnen om aanpassing vragen als iets niet klopt. Of als de politie dat niet wil, aangeven dat op bepaalde punten opmerkingen zijn gemaakt. Zet pas een handtekening als u het volledig met de inhoud eens bent.

Vervolg

De politie gaat vervolgens met de officier van justitie overleggen wat er verder moet gebeuren. Hij beslist of u in vrijheid wordt gesteld of dat u langer op het bureau moet blijven en in verzekering wordt gesteld.

Deze beslissing moet binnen 9 uur worden genomen na uw eerste gesprek met de hulpofficier, waarbij de tijd tussen 0.00 uur ’s nachts en 9.00 uur ’s ochtends niet meetelt.

Tot slot

Wilt u meer weten over hoe een strafzaak verloopt of wordt u verdacht van een strafbaar feit en twijfelt u over het al dan niet inschakelen van een advocaat? Bel of mail mij gerust. Ik ben telefonisch te bereiken op telefoonnummer (0578) 690080 en via het e-mailadres whboer@bvs-advocaten.nl.

Wilma Boer

www.bvs-advocaten.nl

* voorlopige hechtenis is mogelijk bij feiten waarvoor een gevangenisstraf staat van 4 jaar of meer, en bij onder meer bedreiging, belaging, verduistering, oplichting, flessentrekkerij, insubordinatie, schuldheling, schuldwitwassen, dood c.q. zwaar lichamelijk letsel bij rijden onder invloed, overdracht van wapens en munitie, opzettelijk verkopen en afleveren van verboden middelen, en wanneer de verdachte geen vaste woon- of verblijfplaats in Nederland heeft en een feit heeft gepleegd waarop een gevangenisstraf is gesteld.

Column Schaapskooi 27 december 2017: Vuurwerk en Letselschade

Deze column is geschreven door mr. J.L. (Linda) van Schoonhoven. Linda is gespecialiseerd in aansprakelijkheidsrecht en letselschaderecht. Zij is LSA- en ASP advocaat.

Vuurwerk en letselschade

Met de Kerstdagen achter de rug, maken we ons op voor Oud & Nieuw. Dat gaat veelal gepaard met het afsteken van vuurwerk. Helaas gebeuren er ieder jaar weer de nodige ongelukken met vuurwerk. Veel geziene letsels zijn brandwonden, oogletsel, letsel aan het gehoor, en letsels aan de vingers en handen. Soms is het letsel zo ernstig dat mensen als gevolg hiervan overlijden. Vuurwerkletsel kan dus ernstige en of langdurige gevolgen hebben en materiële (schade aan de kleding, zorgkosten, verlies aan inkomen, etc.) en immateriële schade (smartengeld) met zich meebrengen.

Vuurwerkletsel als omstander

Stel: in de nacht van Oud & Nieuw staat u op straat te kijken naar het vuurwerk en uw buurman gooit vuurwerk naar u toe. Als gevolg daarvan verliest u een oog of een ledemaat. U kunt uw buurman dan aansprakelijk stellen voor de schade die u lijdt als gevolg van zijn handelen. Hoewel er in de nacht van Oud & Nieuw vuurwerk afgestoken mag worden, moet dat wel op een verantwoorde manier gebeuren. Het gooien van vuurwerk naar een ander is roekeloos gedrag en kan aansprakelijkheid veroorzaken.

Illegaal vuurwerk

Als de bewuste buurman illegaal vuurwerk afsteekt en daarbij letsel veroorzaakt aan omstanders, dan geeft dat al snel aansprakelijkheid van zijn kant. Het is immers verboden om illegaal vuurwerk af te steken.

Vuurwerkletsel door eigen vuurwerk

Een groot deel van het vuurwerkletsel is het gevolg van het zelf afsteken van vuurwerk. Soms gaat vuurwerk te vroeg af of werkt het niet goed. Wanneer het vuurwerk niet goed werkt en niet voldoet aan de regelgeving (het zogeheten Vuurwerkbesluit), is mogelijk de fabrikant aansprakelijk.

Bewijs

Mocht u onverhoopt letsel oplopen door vuurwerk, probeer dan zoveel mogelijk bewijs te verzamelen. Misschien zijn er foto’s of filmpjes gemaakt door omstanders of willen getuigen bevestigen hoe het is gegaan. Alles kan als bewijs dienen.

Tot slot

Namens Boer & Van Schoonhoven advocaten wensen wij u een goed, gelukkig, maar bovenal gezond 2018 toe en een veilige jaarwisseling!

Heeft u na het lezen van deze column vragen? Bel (0578 – 690080) of mail (jlvanschoonhoven@bvs-advocaten.nl) mij gerust.

Linda van Schoonhoven

www.bvs-advocaten.nl